De coronacrisis heeft aangetoond dat het billijk is dat de personeelsleden in de VIA-zorgsectoren die onder het toepassingsgebied van het VIA6-akkoord ressorteren, een onmiddellijke koopkrachtverhoging ontvangen in de vorm van een verhoging van de eindejaarstoelage met betrekking tot het jaar 2020.
Het decreet lokaal bestuur - artikel 40 en 41.
Het VIA6-akkoord met koopkrachtmaatregelen voor de publieke sector dat de sociale partners en de Vlaamse regering op 22 december 2020 bereikt hebben, en waarover onderhandeld werd in het Vlaamse onderhandelingscomité C1 van 23 december 2020;
Het toepassingsgebied van dit VIA6-akkoord, met name voor wat de eenmalige verhoging van de eindejaarstoelage van het jaar 2020 betreft;
De verhoging van de eindejaarstoelage voor het zorgpersoneel geldt voor al het personeel dat in de DMFA-aangifte een VIA-deelcode heeft toegewezen gekregen, met uitzondering van de deelcodes 102 (dienstencheques) en 500-512 (socio-culturele sector).
Het personeel tewerkgesteld met VIA-code 509 (lokale diensteneconomie) moet toch meegenomen worden voor de eenmalige verhoging van de eindejaarstoelage, als deze personen van de lokale diensteconomie tewerkgesteld zijn in één van de VIA sectoren.
Het niet toekennen van een VIA-deelcode op zich is geen element om te besluiten dat iemand wel of geen recht heeft op de koopkrachtmaatregelen en op de verhoging van de eindejaarstoelage in het bijzonder, maar dat het eerder een administratieve bevestiging is dat het om VIA-personeel gaat.
In voorkomend geval kan een rechtzetting van de juiste VIA-deelcode noodzakelijk zijn, omdat de omvang van de subsidies van de Vlaamse overheid ervan afhangt en ook de verdere verdeling van deze subsidies aan elk individueel bestuur.
Voor wat het ondersteunend personeel in de welzijns-, zorg- en gezondheidsvoorzieningen betreft, heeft het bestuur enige beleidsmarge om te oordelen dat een ondersteunend personeelslid onder het VIA-toepassingsgebied valt en dus als VIA-personeelslid (met de bijhorende VIA-deelcode) wordt beschouwd.
Het criterium om de afweging (wel of niet-VIA-personeelslid) te maken, kan zijn om te kijken naar de hoofdactiviteit: wie voor het grootste deel van zijn tijd de ondersteuning doet van VIA-diensten, zou dus ook als VIA-personeelslid kunnen beschouwd worden. Een ander argument kan de fairheid zijn: bijv. alle medewerkers van de ondersteunende dienst zijn wel/geen VIA-personeelslid.
Het akkoord bereikt in het comité C1;
De VIA-financiering die hiertegenover staat;
De informatie op de webpagina van het Agentschap van het Binnenlands Bestuur met betrekking tot de hoogte van het vast bedrag van de eindejaarstoelage van het jaar 2020, die 1.288,43 euro bedraagt.
Het advies van het Agentschap Binnenlands Bestuur met betrekking tot de boeking van deze uitgaven;
Deze beslissing is van toepassing op volgende personeelsleden tewerkgesteld in de erkende diensten
In de ouderenzorg, woonzorgcentra, serviceflats voor ouderen, dagverzorgingscentra, thuiszorg (gezinszorg en aanvullende thuiszorg), kinderopvang, lokale dienstencentra, groepen van assistentiewoningen, opvoedingswinkels, groepsopvang schoolgaande kinderen (of initiatieven voor buitenschoolse opvang en lokale diensten voor buurtgerichte kinderopvang).
De gemeenteraad verhoogt het variabel bedrag van de berekening van de eindejaarstoelage van het jaar 2020 met 1,1%, rekening houdend met de prestatiebreuk van het personeelslid, zodat de nieuwe berekeningswijze voor een voltijds equivalent als volgt is: 1.288,43 euro vast bedrag + 3,6% variabel bedrag (+1,1%) = nieuw bedrag eindejaarstoelage 2020 (VTE).
De algemeen directeur neemt de nodige maatregelen opdat de personeelsleden bedoeld in artikel 1 het verschil, met name de verhoging van het variabele bedrag van de eindejaarstoelage van het jaar 2020 met 1,1%, ontvangen.